RK kerk H Jan - St Jan de Doper
Nieuwe bestemming
Foto: Flip Veldmans
Oude Markt 2
Roosendaal

Gemeente Roosendaal
Noord-Brabant

(Kerk)gebouw

De kerk hoorde oorspronkelijk tot de parochie Nispen vanaf 1157.
In 1268 schonk een aantal parochianen een stuk grond voor de bouw van een kapel. Er kwam toestemming tot het bouwen van een kapel toegewijd aan Onze Lieve Vrouw, bediend door paters Norbertijnen van de abdij van Tongerlo voor de bewoners van Langdonk, Hulsdonk en Kalsdonk.
In ± 1460 is een grotere kerk gebouwd, de toren rest nog. Eenvoudige toren die in de 15e eeuw werd verhoogd. Driebeukige neogotische kruiskerk.
In 1510 werd Roosendaal een zelfstandige parochie. Pastoors tot 1978 Norbertijnen van de abdij van Tongerlo.
Nieuwe kerk gebouwd in 1530 aan de Molenstraat ??
In de Tachtigjarige oorlog (medio 1570) werden kerk en toren voor een groot deel door brand verwoest, behalve het priesterkoor en de transepten.
De kerk werd kleiner herbouwd.
In 1590 en 1600 weer brand in de kerk.
De kerk kwam in 1648 in protestantse handen. De katholieken gingen naar de Schuurkerk in Steenpaal, gebouwd in 1640.
In 1672 werd een schuurkerk gebouwd op plaats van de huidige schouwburg de Kring.
In 1809 (1839) (afbraak van de vervallen kerk), werd grond verkocht aan de kloosterzusters van Charitas. Men wilde er een gasthuis of ziekenhuis van maken. In 1841 opent het gasthuis.
In 1837/39 bouw van een nieuwe waterstaatskerk in neoclassicistische stijl op de oude fundamenten van de oude kapel naar een ontwerp van architect J. Franssen te Antwerpen door E. de Kruijff en A. de Geus. De bakstenen toren (eigendom van de gemeente) bleef behouden. De bouw is uitgevoerd door ir E. de Kruijff en A. de Geus. Het is de enige waterstaatskerk met twee zijbeuken; neo-classicistische kerk. Voor de toren een portiek met Toscaanse zuilen en een fonton. De open achtkant met koepeldak en bol ontworpen door W. van Putte en A. de Geus.
In de toren is nog een oude veertiende eeuw gave muur, naar boven klimmend zijn nog verdiepingen te zien met nissen en galmgaten uit de begintijd, maar daar zijn in de 19e eeuw andere raampjes tegenaan gebouwd.
Kerk op 23 mei 1839 ingewijd door bisschop mgr Cornelis van Wijckerslooth.
Cornelis Johannes Rogier te Bergen op Zoom leverde het hoogaltaar en de biechtstoelen.
Twee gegoten messing kandelaars op het priesterkoor vervaardigd vóór 1500.
Verschillende beelden zijn uit de schuurkerk afkomstig.
De beide zijaltaren uit begin 18e eeuw zijn toegewijd aan Onze Lieve Vrouw en Sint Jan de Doper door de Bergse schrijnwerker Cornelis Johannes Rogier vanuit de schuurkerk verplaatst.
Het houten gemarbeerde hoofdaltaar uit de bouwtijd van de kerk gemaakt door Cornelis Johannes Rogier is toegewijd aan de Heilige Drievuldigheid.
De preekstoel is ontworpen door J. Dieltjens uit Grobbenbonk, bij de restauratie in 1960 is een nieuwe voet gemaakt.
De biechtstoelen zijn ook uit het atelier van Cornelis Johannes Rogier.
Doopvont uit 1844 vervaardigd door de Roosendaalse kopersmid L. van Aelst.
In 1962 kerkrestauratie onder leiding van architectenbureau Sturm onder toezicht van Monumentenzorg.
De kruisweg uit 1963 in Siberisch krijt is getekend door de Amsterdamse schrijver Guido van de Griendt.
In 1979 overlijdt Pastoor Silveer van Brugge; hij was de laatste Norbertijn in de St Jan.
Op 8 maart 2003 werd de kerk aan de eredienst onttrokken. De parochiekerk van Onze Lieve Vrouw van Altijddurende Bijstand, de Paterskerk op de Kade, is nu de parochiekerk geworden (zie daar).
De Sint Janskerk is een Rijksmonument.
De gemeente Roosendaal verkocht het gebouw aan de NV Monumenten Fonds Brabant. In 2006/07 begon de exploitatie als multifunctioneel centrum, o.a. voor exposities, evenementen, concerten, tentoonstellingen, door Stichting Sint Jan Cultuur.
Drie klokken in de toren: oudste uit 1635 Johannes de Doper gegoten door Antoine Coubillet, Salvator is de naam van de in 1640 door Martin Marchal gegoten 700 kg zware klok, jongste klok uit 1959 482 kg. Norbertus gegoten door Petit en Fritsen.
Wekelijks luiden de drie klokken een minuut voor het beiaardconcert op zaterdagmiddag.
De officiële ingebruikname was op 22 januari 2007.
In Roosendaal blijft op termijn één katholieke kerk open. Uiterlijk in het voorjaar van 2019 moet hiervoor een plan liggen bij de bisschop in Breda. Dat meldt BN DeStem. “De afbouw van de Roosendaalse kerken wordt snel ingezet”, aldus de krant. “Nog voor de zomer sluiten de kerk De Goede Herder aan de Lindenburg en de Franciscuskapel aan de Azurietdijk.” Het bestuur van de Sint Norbertusparochie in Roosendaal heeft dit met het bisdom afgesproken. Drie kerken ontspringen voorlopig de dans: de Josephkerk, de Onze Lieve Vrouwekerk en de Moeder Godskerk. Het staat overigens niet vast dat één van deze drie straks de overblijvende Roosendaalse kerk wordt. Andere gebouwen – zelfs de aan de eredienst onttrokken St. Jan op de Oude Markt – zijn hiervoor in beeld. Door de terugloop van het aantal kerkbezoekers en de vermindering van de parochiebijdrage zou er geen andere optie zijn dan uiteindelijk één katholieke kerk aan te wijzen voor heel Roosendaal.

Bronvermelding van het (kerk)gebouw

Boeken
Dijk, Peter van: Geschiedenis en restauratie van het Ibach-orgel in Bergen op Zoom (2011)13 14
Gregoir, Edouard Georges Jacques (1822-1890): Historique de la facture et des facteurs d'orgues, Antwerpen (1865)145 199
Jespers, Frans: Sieur Jacobus Zeemans - d'Hûskes nummer 23 13(1992)9
Jespers, Frans: brabants orgelbezit (1975)110 111*, uitgave prov. genootschap van kunsten en wetenschappen in Noord-Brabant, 's-Hertogenbosch
Jespers, Frans: repertorium van orgels en orgelmakers in Noord-Brabant tot omstreeks (1900)263-265 aanv III 119, het Noordbrabants Genootschap 1983
Leeuwen, Wies van: De Verdwenen Kerken van Noord-Brabant. WBooks (2017)120-121
Nijnatten, Ton van: kerken in het bisdom Breda 130* plattegrond*
Tijdschriften en andere uitgaves
250 jaar Orgelmaker Vermeulen 99
brabants orgelrijkdom (2010)20, uitgave brabantse orgelfederatie
contactbrief voor kerkenverzamelaars 49(2003)37, 59(2008)36, 66(2011)37
de Mixtuur 6(1972)95, 11(1973)213, 30(1980)755 770, 34(1981)139, 39(1982)356
de Orgelvriend 11(1982)25-26*
folder de Sint Janskerk te Roosendaal (8 foto's)*
het Orgel 1(1982)3, 5(1982)161-162*, 7/8(1984)300 301
map rapporten St Jan Roosendaal
plechtige inzegening nieuwe orgel 1949*
toekomst voor Religieus Erfgoed in Noord-Brabant 57*

Orgel locaties

Naam gebouw Plaats Periode
RK kerk H Jan - St Jan de Doper Roosendaal -

Orgelhistorie

b:
o: ESSEN RK kerk ± 1648
b: vóór 1648
o: ROOSENDAAL, Steenpale, RK kerk - Schuurkerk
b: G. Davits, Antwerpen vóór 1712
r: P. van Peteghem ± 1778,
b: P. van Peteghem 1810 ?? voor ROOSENDAAL RK kerk - Schuurkerk (zie daar); M II ap: Hw 10-Pos 7
o: nieuwe kerk 1839
o: TONGERLO (B) Abdij 1852
b: Fa. Merklin & Schütze, Brussel 1852, met oud pijpwerk van Peteghem; M II vp: Man 17-Pos 11-Ped 6
o: WOERDEN RK kerk 1899; binnenwerk
b: P. Schyven & Cie, Brussel 1899; in oude kas en oude delen van Merklin, met gebruik van het aanwezige pijpwerk, pneumatiek met electrische zwakstroomtechniek, vrijstaande speeltafel; Pn II vp: GO 12-Réc expr 10-Ped 4
het orgel is op 13 juli 1899 ingehuldigd met een concert door zes organisten: Vastersavens, Antonius Tirolff, H. de Decker, organist te Brussel, A.C. Somers en zijn zoon Adriaans Somers en van Leeuwen, organist te Rotterdam
- ten gevolge van de Tweede Wereldoorlog heeft het orgel veel te lijden gehad
b: Fa. Jos Vermeulen, Alkmaar 1949; 3e manuaal, met oud pijpwerk en oude kas; EP III vp: Hw 13-Pos 11-Zw 13-Ped 10
plechtige inzegening en ingebruikneming op 22 mei 1949 met concert door adviseur Flor Peeters en Kees Stolwijk, organist St. Jan
r: Fa. Jos Vermeulen, Alkmaar 1963; revisie; EP III vp: Hw 13-Pos 11-Zw 13-Ped 10
adviseur Flor Peeters
orgel ingespeeld door Jan Koenraad op 9 juni 1963
r: Fa. Jos Vermeulen, Alkmaar 1970
adviseur dr P.J. de Bruyn namens de KKOR
- plan van Hans van der Harst uit ± 1975: restauratie op basis van het bewaard pijpwerk uit 1810-1852-1899: M II vp. Dit plan is niet uitgevoerd.
- plan van Jos Vermeulen te Alkmaar uit 1 april 1980
r: Fa. Jos Vermeulen, Alkmaar 1981/82; kleine wijzigingen; EP III vp: Hw 13-Pos 11-Zw 13-Ped 10
heringebruikneming orgel op Eerste Pinksterdag 30 mei 1982

Dispositie

1810:
Manuaal
Bourdon 16, Prestant 8, Holpijp 8, Octaaf 4, Fluit 4, Quint(fluit) 3, Superoctaaf 2, Mixtuur V, Cornet V, Trompet 8, Vox Humana 8
Positief
Holpijp 8, Prestant 4, Fluit 4, Octaaf 2, Mixtuur II, Sesquialter II, Dulciaan 8, Tremulant
Pedaal
aangehangen
Drukkoppeling
Ventiel
 
1852:
Manuaal C-f3
Principal 16, Bourdon 16, Montre 8, Bourdon 8, Flûte 8, Gemshorn 8, Prestant 4, Flûte Octave 4, Nazard 2 2/3, Doublette 2, Fourniture IV, Cornet V, Bombarde 16, Trompette 8, Clairon 4
Positief C-f3
Bourdon 8, Fl. Travers 8, Viola di Gamba 8, Dolce 8, Fugara 4, Flûte 4, Flageolet 2, Fourniture III, Trompette 8, Euphanne 8 basse, Haitbois 8 discant
Pedaal C-d1
Flûte 16, Soubasse 16, Flûte 8, Bombarde 16, Trompette 8, Clairon 4
 
1899:
Grand Orque (I)
Prinzipal 16, Bourdon 16, Montre 8, Bourdon 8, Flûte harmonique 8, Gamba 8, Prestant 4, Flûte 4, Fourniture III-IV, Cornet IV-V, Trompette 8, Clairon 8 of 4
Positief expressif (II)
Bourdon 16, Flûte 8, Voix céleste 8, Salicional 8, Flûte 4, Flageolet 2, Fourniture III, Vox Humaina 8, Basson-Hautbois 8, Trompette harm. 8, Trémolo
Pédal C-f1
Contre Bas 16, Flûte 8, Bombarde 16, Trompette 8
Koppelingen: Manuaalkoppel, Hoofdmanuaal-Pedaal, Klein-manuaal-Pedaal,
5 komb.knoppen: 8, 4-8-16, 4-8-16-mixt, tutti
Treden: 3 normale koppels, Tonnere (imitatie-onweer: 5 laatste tonen van pedaal), Gen. Crescendo, Basculetrede voor het zwelwerk, Generaal Crescendo en Descendo
 
1949:
Hoofdwerk (I) C-c4
Prestant 16, Prestant 8, Spitsgamba 8, Open fluit 8, Bourdon 8, Prestant 4, Roerfluit 4, Kwint 2 2/3, Octaaf 2, Cornet V, Mixtuur III-VII, Trompet 8, Klaroen 4
Positief (II) C-c4
Holfluit 8, Gemshoorn 8, Zwegel 4, Blokfluit 4, Kwint 2 2/3, Octaaf 2, Terts 1 3/5, Superkwint 1 1/3, Cymbel III-IV, Kromhoorn 8, Regaal 4
Zwelwerk (III) C-c4
Bourdon 16, Fluit 8, Quintadeen 8, Salicionaal 8, Voix-céleste 8, Prestant 4, Nachthoorn 4, Flageolet 2, Tertiaan II, Scherp III-IV, Dulciaan 16, Trompet 8, Hobo 4, Tremolo
Pedaal C-a1
Contrabas 32, Principaal 16, Subbas 16, Gedektbas 16, Octaafbas 8, Gedektbas 8, Koraalbas 4, Ruispijp IV, Bombarde 16, Trombone 8
Koppelingen: Hoofdwerk-Positief, Hoofdwerk-Zwelwerk, Positief-Positief 16, Positief-Positief normaal af, Positief-Positief 4, Zwelwerk-Zwelwerk 16, Zwelwerk-Zwelwerk normaal af, Zwelwerk-Zwelwerk 4, Pedaal-Hoofdwerk, Pedaal-Positief, Pedaal-Zwelwerk
Speelhulpen: Vrij instelbare automatische pedaal omschakeling, zes vaste combinaties PP P MF F FF T, Generaal registercrescendo met scale 10 stations, twee vrije registercombinaties waarvan een deelbaar, Trede voor de zwelkast, Trede voor de generaal registercrescendo, zes voetpistons met double-acting voor de nornaal-koppelingen, vier voetpistons voor deelbare combinatie: Ped I II III, Voetpiston: Tongwerken af, Voetpiston: Mixturen af, Voetpiston: 32, en 16 af
 
1963:
Hoofdwerk (I) C-c4
Prestant 16, Prestant 8, Spitsgamba 8, Open fluit 8, Bourdon 8, Prestant 4, Roerfluit 4, Kwint 2 2/3, Octaaf 2, Cornet V, Mixtuur III-VII, Trompet 8, Klaroen 4
Positief (II) C-c4
Holfluit 8, Gemshoorn 8, Zwegel 4, Blokfluit 4, Kwint 2 2/3, Octaaf 2, Terts 1 3/5, Superkwint 1 1/3, Cymbel III-IV, Kromhoorn 8, Regaal 4
Zwelwerk (III) C-c4
Prestant 8, Bourdon 8, Quintadeen 8, Voix céleste 8, Prestant 4, Nachthoorn 4, Flageolet 2, Tertiaan II, Scherp III-IV, Dulciaan 16, Trompet 8, Hobo 4, Tremolo
Pedaal C-g1
Contrabas 32, Principaal 16, Subbas 16, Gedektbas 16, Octaafbas 8, Gedektbas 8, Koraalbas 4, Ruispijp IV, Bombarde 16, Trombone 8
 
1982:
Hoofdwerk (I) C-c4
Prestant 16, Prestant 8, Spitsgamba 8, Openfluit 8, Bourdon 8, Prestant 4, Roerfluit 4, Kwint 2 2/3, Octaaf 2, Cornet V, Mixtuur III-VII, Trompet 8, Klaroen 4
Positief (II) C-c4
Holfluit 8, Gemshoorn 8, Zwegel 4, Blokfluit 4, Kwint 2 2/3, Octaaf 2, Terts 1 3/5, Superkwint 1 1/3, Cymbel III-IV, Kromhoorn 8, Regaal 4
Zwelwerk (III) C-c4
Prestant 8, Bourdon 8, Quintadeen 8, Salicionaal 8, Voix Céleste 8, Prestant 4, Nachthoorn 4, Flageolet 2, Tertiaan II, Scherp III-IV, Dulciaan 16, Trompet 8, Hobo 4
Pedaal C-g1
Contrabas 32, Principaal 16, Subbas 16, Gedektbas 16, Octaafbas 8, Gedektbas 8, Koraalbas 4, Ruispijp IV, Bombarde 16, Trombone 8

Bronvermelding van bovenstaand orgel

Boeken
Geen informatie aanwezig
Tijdschriften en andere uitgaves
Geen informatie aanwezig
Laatste update: 2018-06-27 17:08:37